Keerpunten in Ving Tsun

Wong beweerde echter nadrukkelijk dat een goede leerling, ongeacht ras of geloof, altijd een eerbewijs aan zijn leraar is. Soms worden leerlingen waar je het minst van verwacht het meest opmerkelijk. Het is de taak van de leraar, vond Wong, om iedereen die dat wenst een eerlijke kans te geven. Volgens Wong zijn er een aantal keerpunten in de geschiedenis van het Ving Tsun geweest.

Dr. Leung Jan was een bekende vechtkunstenaar en een uitstekende vechter in de eerste geregistreerde jaren van de Ving Tsun-geschiedenis; zijn oudste zoon had echter niet de capaciteiten om de vechttraditie voort te zetten. Die taak was daarom toebedeeld aan Leung Jans meest bijzondere leerling, Chan Wah Shan. Maar ofschoon Chan een sterke vechter was, ontbrak hem de nodige intelligentie om zijn stijl in detail te ontleden.

Op dit gebied was Leung Bik, Leung Jans oudste zoon, duidelijk beter. Hij was goed onderlegd en kon het kaf van het koren scheiden. Beide mannen werden beenderendokter. Leung Bik vond Chan een sterke tegenstander, die niet alleen de meeste leerlingen wist te strikken, maar die ook de meeste patiënten had. Chan lag ook beter bij de dorpelingen van Fat Shan dan Leung, die uiteindelijk naar Hongkong vertrok en koopman in zijde werd.